zeldzame Albizia uit een afgelegen gebied in Zuid Korea
Herkomst
Zuid-Korea
Groeiwijze
parasol
Bloeitijd
juni
Waterbehoefte
laag
De Albizia coreana komt uit een erg geïsoleerd gebied in Zuid-Korea. De boom is endemisch op Yudal mountain in de buurt van de stad Mopko en is in cultivatie nauwelijks uitgetest. Albizia coreana werd voor het eerst waargenomen door Takenoshin Nakai, een Japanse botanicus
Vermeerderen
zaaien
Winterhard
-20C
Staat in de tuin sinds
2008
zeldzame Zuid Koreaanse Albizia
Herkomst
Verspreiding
Habitat
Bloei
Waterbehoefte
Vermeerderen
Winterhard
Aangeplant
Zuid Korea
Yudal mountain
200 meter
juni
laag
zaad
-20C
2008 – heden
De Albizia coreana komt uit een erg geïsoleerd gebied in Zuid-Korea. De boom is endemisch op Yudal mountain in de buurt van de stad Mopko en is in cultivatie nauwelijks uitgetest. Albizia coreana werd voor het eerst waargenomen door Takenoshin Nakai, een Japanse botanicus.
In Amerika deze boom in enkele botanische tuinen, maar voor zover ik weet staat hij nog nergens in Europa. Het is een zone 6 plant, die in veel opzichten afwijkt van de gewone Albizia julibrissin.
Als je de boom van dichtbij bekijkt dan zie je dat de bast radicaal anders is, zowel in textuur als in kleur.
Het blad is veel ronder dan de fijne blaadjes van de julibrissin. De blaadjes van de coreana zijn veel groter dan die van de julibrissin en doen denken aan de Gleditsia of aan sommige van de Caeslapinia soorten.
De bloemen worden gehouden in clusters, die strakker zijn dan de julibrissin. De meeldraden zijn korter en de afzonderlijke clusters zijn iets ronder. De kleur van de bloemen varieert van wit, getint met groen, vervaagt tot crème, tot gedempt geel tot de uiteindelijke bruine kleur als ze uitgebloeid zijn. Later in het groeiseizoen ziet de boom er enigszins “vies”uit, te wijten aan de vervaagde, bruine bloemen die nog aan de boom zitten.
De coreana bloeit ongeveer een maand eerder dan de gewone julibrissin. De geur van de bloemen is indringender dan van de julibrissin. De reguliere julibrissin heeft een schone, in plaats van transparante geur, de geur van de A. coreana lijkt dikker, “donkerder”. In klimaten met warm vochtig weer zal de geur meer uitgesproken zijn.
De schors is bruin gekleurd en lijkt op Mesquite, Locust of Robinia in textuur. In veel opzichten heeft de coreana heel veel gemeen met de tropische Albizia lebbeck (Inheems in Azië, maar is nu te vinden over de hele tropen). Ze lijken erg veel op elkaar. Waarschijnlijk komt de A. coreana veel meer over als een tropische plant dan de gewone julibrissin dat is te wijten aan de grote bladeren en de grote, opgaande groeiwijze. In Nederland kan het haast niet verkeerd gaan met de coreana omdat hij zich makkelijk aanpast aan zware bodems en weerstaat zone 6 winters.
In het verleden was de coreana bekend onder andere namen, zoals Albizia henryi, Albizia lebbeck parviflora.










Deze manier is mij aangeraden door professor Carl Whitcomb en werkt heel erg goed. Leg de Albizia zaden voor 1 uur in de diepvries en week ze dan maximaal 2 minuten in kokend water. Door de plotselinge temperatuur schommeling kraakt het zaadje en kan het vocht opnemen. Zaai de zaden oppervlakkig en je kan ze verspenen als het zaadje opzwelt, voordat hij een wortel aanmaakt. Zo kan je later ook geen wortelschade krijgen door het verspenen. Op deze manier had ik een ontkieming score van 90%. De zaden wel afdekken met aarde anders droogt de bovenkant van de zaden uit !!!!








The A. coreana (Korean silk tree) The Korean silk tree only grows on Yudal Mountain in Mokpo, which rises to about 200 m altitude along the southern coast of the Korea. Its flowers are pure white. At first , the Korean silk tree also grew in the wild on Cheju island, Huksan island, and Eochung island along the southern and western coast of Korea. But today it seems to be extinct in the wild unless there is proper conservation. Albizia coreana hybridies in the wild with the more vigorous A . j ulibrissin, and it is being lost through genetic dilution. This beautiful tree is virtually unknown in cultivation. The U.S. National Arboretum plant exploration team collected it to establish genetically pure populations in cultivation on September 1985 and a large specimen grows at the NCSU Arboretum at the right of the Visitor’s entrance. It flowers in late May in the North Carolina.
WINTERHARDHEID
Getest in de praktijk in Schoonebeek
De Albizia coreana staat bij ons op een hele goede plek. Hij staat voor de zuidmuur van een 6 meter hoge witte loods en in zandgrond met een goede drainage. De Albizia coreana is volledig winterhard bij ons.
Volle zon, ik vermoed dat de grondsoort niet zo veel uitmaakt. De plant zal beter afharden op arme grond, dan op hele rijke grond.
Onze coreana is in 2026 al een behoorlijk boom geworden en staat elk jaar schitterend in bloei.
Ik heb de coreana in 2008 geïntroduceerd in Europa. Ik heb zaden gekregen van een goede Amerikaanse vriend, deze gezaaid en de Groeneprins mocht ze voor mij verkopen. In 2020 vind je nog steeds enkele resultaten op internet van kwekerijen die de coreana verkopen, maar ik vermoed dat niet alle planten die nu te koop worden aangeboden als coreana ook echt daadwerkelijk coreanas zijn. Ik heb vaak genoeg meegemaakt, dat Albizia julibrissin verkocht wordt als coreana, dus let goed op wat je koopt.